Centraal in de workshop staat het begrip boundary crossing: bruggen bouwen tussen verschillende systemen, talen en werelden. Op het scherm verschijnen schema’s over grenzen tussen onderwijs en praktijk, maar ook tussen mbo, hbo en wo zelf. Volgens Sanne Elling (Onderwijskundig adviseur & trainer, Universiteit Utrecht) ontstaan juist daar de uitdagingen. “Soms is het comfortabel om niet over die grenzen heen te gaan,” zegt ze. “Maar juist in die frictie kan transformatie ontstaan.” Ze legt uit dat die grenzen zich op verschillende niveaus bevinden. Binnen één persoon, tussen mensen onderling en tussen organisaties. “Een student praat in de les anders dan met vrienden. In verschillende systemen gedragen we ons anders.”
De schoenen van een ander
Daarna volgt een model waarin vier fases van samenwerking worden uitgelegd: identificatie, coördinatie, reflectie en uiteindelijk transformatie. Vooral die reflectiefase blijkt belangrijk. “Dan kijk je als het ware in de spiegel,” zegt Elling. “Maar je probeert ook in de schoenen van een ander te staan.” Ze gebruikt een training didactiek die ze zelf gaf als voorbeeld. Aanvankelijk ontwikkelde ze die alleen voor universitair onderwijs, maar later gaf ze dezelfde training ook aan deelnemers uit mbo en hbo. Daardoor veranderde uiteindelijk ook haar eigen aanpak. “Het ging niet vanzelf. Het vroeg openheid en de bereidheid om de waarde van andere perspectieven te zien. Dat is de kern van boundary crossing.”
Ook Goof Claessen (Programmamanager LLO, Radboud Universiteit) laat zien hoe complex dat in de praktijk wordt. Op een dia verschijnt een enorme wirwar aan termen, opleidingen en onderwerpen uit het huidige onderwijsaanbod rond Semicon Lifeport en AI. “Dit is puur een gespreksstarter,” zegt hij. “Werkgevers kijken hiernaar en zeggen: dáár wil ik het over hebben.” Volgens hem begint samenwerking pas echt wanneer instellingen samen proberen vraaggericht te werken, in plaats van alleen hun bestaande aanbod naast elkaar te leggen.
Obstakels en kansen
Daarna gaan deelnemers in groepen aan de slag met een casus rond de AI-transitie in de energiesector. Op de tafels liggen grote vellen papier met vragen over samenwerking, obstakels en kansen. De opdracht: ontwikkel samen een concreet LLO-traject waarin mbo, hbo en wo elkaar versterken.
Na de workshopronde worden de inzichten plenair teruggekoppeld. Goof Claessen vraagt de eerste groep direct of ze tijdens de opdracht grenzen of verschillen tegenkwamen. Dat blijkt inderdaad zo te zijn. “We ontdekten dat we echt een diverse groep hadden vanuit mbo, hbo en wo,” vertelt een deelnemer. Toch ontstond er al snel een gezamenlijk vertrekpunt. “We gingen op zoek naar waar we elkaar konden vinden, en dat werden eigenlijk een soort metrolijntjes. Daarna gingen we kijken: hoe vullen we die lijnen in?” Uiteindelijk kwam de groep uit bij een gezamenlijke taal: “We beginnen allemaal bij hetzelfde begin.”