Dagvoorzitter Tamara Markus introduceert haar met een kwinkslag: “Ze was 24 uur per dag, 365 dagen per jaar on call als persoonlijk assistent voor vier personen. Onbetaald. Latifa was huismoeder, met vier kinderen, waarvan twee met diabetes. En nu zit ze hier.” Latifa lacht. Het beeld klopt. “Mijn man stond dus ook niet direct te trappelen toen ik zei dat ik wilde gaan studeren. Vanuit zijn perpectief ben ik een traditionele vrouw, huismoeder, iemand met vier kinderen. Dat is mijn rol.”
‘Waar blijft Latifa?’
Hoe dat voor haar voelde? “Ik dacht eerst: ik ben tevreden. Maar na een tijdje vroeg ik me af: waar blijft Latifa? Ik had mezelf opgeofferd.” Die vraag zet iets in beweging bij haar: “Het was een kleine revolutie. Stil en onzichtbaar. Ik wilde iets gaan doen, maar ik wist niet hoe.” Tot ze in de buurt een flyer zag hangen. Educatief Centrum voor Ontwikkeling, EC-O. Gratis opleidingen voor mensen boven de 27. “Ik dacht: gratis en in de buurt. Ineens wist ik het: dát ga ik doen.”
De stap naar de eerste schooldag is groot. Vijfentwintig jaar heeft ze niet in de schoolbanken gezeten. “Het was spannend. Ik was onzeker, ik had twijfels. Maar er was ook een stem die zei: pak die kans.” Ze is veertig als ze begint. Wat volgt is een opleiding, maar vooral belangrijk bleek de nieuwe omgeving. Die maakte het verschil. “Ik kwam mensen tegen die vertrouwen in mij hadden. Die zeiden: je hebt een superkracht, ga het doen.” EC-O biedt volgens haar iets dat verder gaat dan onderwijs. “Het is kosteloos voor ons, natuurlijk, maar niet moeiteloos. Er wordt heel veel gefaciliteerd vanuit EC-O. Begeleiding, vertrouwenspersonen, een plek waar je je veilig voelt. Het voelt als een thuis.” Juist dat blijkt essentieel. “Als je op je veertigste naar een ROC gaat, voel je je al snel te oud. Hier zat ik met mensen die in dezelfde situatie zaten. Dat maakt dat ik echt ruimte voelde om me te ontwikkelen.”